Opinie&Analyse

Van veenkolonie tot energiepionier?

Midden op het Drentse Fochtelooerveen kon je vroeger, staand op een aarzelende glooiing in het landschap, 360 graden om je as te draaien en op de ruim 300 m hoge zendmast bij Hoogersmilde en een houten uitkijktoren voor vogelaars na, geen enkel menselijk bouwwerk zien.

Best uniek. Totdat in 2008 in Assen een 60 m hoog politiebureau verrees. Een gezellige boswachter meldde het destijds op RTV Drenthe: best jammer dat een van de laatste plekjes in Nederland zonder horizonvervuiling verdwenen was.

Momenteel klinken er soortgelijke plannen uit Drenthe, ditmaal voor grote windmolenparken in met name de Drentse Veenkoloniën. De protesten van de Drenten richten zich inmiddels op de plannen voor windpark Drentse Monden en Oostermoer, dat met 45 windturbines met een hoogte van 200 m op winderige dagen 150 MW duurzame energie aan het stroomnet af moet geven. Er is een procedure gestart om de bouw te verhinderen; in december doet de Raad van State uitspraak.

Nederland staat steevast laag in de ranglijsten voor het gebruik van duurzame energie door consumenten, industrie en de transportsector, zo bleek ook dit jaar weer uit de ranglijst van Eurostat: we wisten op dit front alleen Malta en Luxemburg voor te blijven. Maar dat gaat veranderen, zo schreef Benno Boeters – sinds enkele weken redactiecoördinator van Windenergie Magazine – in zijn meest recente TW-commentaar: ‘Nederland gaat nu echt de inhaalrace maken en alles wordt uit de kast gehaald om uit de onderste regionen van de duurzaamheids-landenlijstjes te geraken.’

Wegen nu de argumenten van horizonvervuiling, vermeende geluidsoverlast en vage gezondheidsklachten op tegen de initiatieven van elke provincie die ook haar steentje bijdraagt aan onze duurzame energiemix? Op de onlangs gehouden klimaattop van Noord-Nederland sprak men zich uit zich te willen gaan profileren met een heuse waterstofeconomie, en stelden lokale overheden dat ze een voorbeeldfunctie hebben betreffende duurzame energie. Deels is dat terecht. Zo komt de stroomkabel van het 600 MW opwekkende Gemini offshore Windpark in Delfzijl aan land en daar staat een groot onderhoudscentrum van Siemens dat voor de nodige werkgelegenheid zorgt.

De Veenkoloniën hebben niet voor niks die naam: dit landschap is vroeger behoorlijk toegetakeld met het steken van turf, die ook nog eens in open vuren zonder roetfilters werd verbrand voor warmteproductie. Ik denk dat deze gebieden nu de ambitieuze plannen van de lokale overheden zouden moeten aangrijpen om de regio een pioniersrol te laten spelen bij de energietransitie. Daar hoort een windpark met moderne turbines bij. In plaats van klagen over horizonvervuiling zou de regio blij moeten zijn met de extra bedrijvigheid die dit oplevert. Ik heb een zwak voor die gezellige boswachter; Noord-Nederland is een mooi gebied voor recreatie. Maar dat blijft het ook nog wel met een windpark.

  • Jan Spoelstra, hoofdredacteur
  • Email: j.spoelstra@betapublishers.nl
  • Twitter: @JSpoelstra81
Naar boven